Vlaanderen
Klasse.be

Specialist

Voorleessoftware in de klas: wie heeft er baat bij en wanneer?  

  • 30 januari 2024
  • 4 minuten lezen

35.000 leerlingen gebruiken voorleessoftware, 40% van hen voor dyslexie. Ook anderstaligen, leerlingen met dyspraxie of een visuele beperking zijn ermee geholpen. Maar hoe ga je goed met voorleessoftware om? Moet je die bij elke leerling afbouwen? 

Portret Jordi Casteleyn

“Ook leerlingen met dyslexie confronteer je best met lezen”

Jordi Casteleyn, docent Vakdidactiek Nederlands, UAntwerpen

Jordi Casteleyn: “Lees- en spellingsmoeilijkheden zitten op een continuüm van vrij klein tot groot. Als de problemen ernstig zijn en een neurologische of biologische oorzaak hebben, kan je ze uiteraard nooit volledig wegnemen of oplossen. Maar dat is een kleine groep leerlingen, en zelfs hen confronteer je best met lezen. Want wat ben je later met voorleessoftware als je een trein wil nemen, een factuur wil invullen, of de bijsluiter wil vatten?”

“Effectief leesonderwijs bestaat uit 5 componenten: fonemisch bewustzijn, ‘phonics’ of codegerelateerd lezen, vloeiend lezen, woordenschatkennis – inclusief achtergrondkennis – en tekstbegrip. Dankzij voorleessoftware krijgen leerlingen met leesproblemen alvast woordenschat binnen, een belangrijke component.” 

“Maar laat je leerlingen alleen naar teksten luisteren, dan werk je onvoldoende actief aan begrijpend lezen. Om een tekst te vatten, vermenigvuldigen we luisterbegrip met ‘decoderen’. Als je leest, zet je tekens om in klank: je ziet de tekens van ‘dak’ en je roept hiervoor de klankvorm op van ‘dak’. Het einddoel is dat je daar betekenis aan verbindt. Op die manier bouw je kwalitatief goede woordcodes op. Met voorleessoftware herleid je die formule eigenlijk tot 0, want het decoderen valt weg.”

“Voorleessoftware leest een verhaal of tekst ook lineair voor. Terwijl goede lezers net regelmatig terugkeren naar vorige punten in de tekst bij het studeren, blijkt uit onderzoek met eyetracking. Zo controleren ze hun aannames, en bouwen ze kennis op. Dat lukt veel minder als de tekst van begin tot einde wordt voorgelezen.”

“Kortom: is voorleessoftware beter dan helemaal niets lezen? Ja, uiteraard, ze kan een mooie aanvuller zijn. Net zoals digitaal ingebouwde spellingscontrole interessant is, maar het spellingsonderwijs niet vervangt, zo is voorleessoftware niet beter of gelijkwaardig aan zelf actief teksten lezen. Leerlingen minder met lezen confronteren, is dus om problemen vragen.”

“Het goede nieuws: er bestaan zeer effectieve interventies voor leerlingen met leesproblemen. Een greep daaruit: denk preventief en geef hun extra ondersteuning in kleine groepjes van 2 tot 5 leerlingen of individueel.”

“Vergeet hierbij spelling en schrijfvaardigheid niet, en compenseer eventueel met voorleessoftware of luisterboeken zodat ze wel voldoende woordenschat opdoen. Evalueer regelmatig met de zorgcoördinator en het CLB of de voorleessoftware nog nodig is.” 


Portret Kirsten Schraeyen

“Voorleessoftware kan kinderen die Nederlands leren, ondersteunen”

Kirsten Schraeyen, onderzoeker Taaltrajectenproject en Les in Lezen, Thomas More

Kirsten Schraeyen: “Voorleessoftware of leespennen zijn zinvol bij anderstalige kinderen die al conceptkennis hebben. Dat zijn kinderen die woorden kennen in hun thuistaal maar nog niet in het Nederlands. Voorleessoftware kan hen ondersteunen om hun woordenschat verder op te bouwen en hen vertrouwd maken met klankvormen in het Nederlands. Zo zijn interactieve muren al sterk ingeburgerd in de kleuterklas en het eerste leerjaar. Als leerlingen op een prent van een tafel klikken, horen ze ‘tafel’.” 

“Maar als een kind nog niet weet wat een dakpan is in zijn thuistaal, dan blijft het Nederlandse woord ook via de interactieve muur niet goed plakken. Met die groep zet je beter in op preteaching om hun basiswoordenschat uit te breiden in het Nederlands.” 

“Wat je vaak ziet: als je een nieuw thema introduceert in de klas, komen de taalvaardige kinderen het eerst met ideeën, en haken de taalzwakkere af. Introduceer nieuwe woorden bij je taalzwakkere groep al vóór het weekthema via een tekst of activiteit in de klas komt. Dankzij preteaching kunnen zij ook iets bijdragen, en stijgt hun welbevinden.” 


Portret Jo Tondeur

“Ik check zelf de uitspraak van Engelse woorden met voorleessoftware”

Jo Tondeur, onderwijstechnoloog, VUB

Jo Tondeur: “Je eerste stappen Frans of Engels? Dan is software handig om de uitspraak te checken, dat doe ik ook. En iemand die woordenschat leert met een online oefentool zoals DuoCards, kan best vooruitgang boeken. Maar klanken en woordenschat inoefenen, is een heel ander leerdoel dan begrijpend lezen.”

“Het voordeel van digitale technologie: het kan adaptiever dan op papier. Vroeger kreeg iedereen vaak hetzelfde werkblaadje, terwijl sommigen de leerstof al onder de knie hadden. Nu geeft een app je aangepaste oefeningen of laat je woorden herhalen waarover je struikelt. Het nadeel: een app speelt nog niet altijd in op je persoonlijke interesses of noden. Dat maakt het soms saai. AI zal daar echter snel verandering in brengen.”

Back to the basics, schreeuwen sommigen. Terug naar pen en papier. Jammer dat het discours vaak gepolariseerd is. Terwijl het probleem meestal eerder bij de pedagogie dan bij de technologie ligt. Ik pleit voor bricolage: combineer de meerwaarde van de digitale technologie met de traditionele technologie zoals pen en papier. Iedere technologie heeft voordelen en beperkingen; de inzet ervan wordt bepaald door het doel: digitaal of niet digitaal? Of een doordachte combinatie?”


Hoe gebruik je voorleessoftware goed? Lees de vuistregels in de brochure van Digisprong. Eureka ADIBib levert digitale schoolboeken aan kinderen uit het lager en middelbaar onderwijs. En op initiatief van het Leesoffensief vind je fictie in de luisterpuntbib

Femke Van De Pontseele

Voeg dit artikel toe aan je bewaarde artikels

Log in om te bewaren


W

Wim Van den Broeck

7 februari 2024

Al bij al vrij genuanceerd verhaal over inzet van voorleessoftware dat toch heel wat vragen oproept bij huidig onkritisch en vaak veel te vroeg gebruik ervan. Zie hier voor een van de weinige empirische studies naar de effecten ervan: https://journals.sagepub.com/doi/abs/10.1177/0022219413487407

Reageren

Laat een reactie achter