Zo doen zij het Dit artikel behoort tot de reeks Kansarmoede Gepubliceerd op

“Armoede op school: eerst werken aan goed gevoel”

2 reacties

Log in om te bewaren.

Delen

“Als de meeste van je leerlingen in armoede leven, dan is zorgen voor een goed gevoel op school prioritair”, zegt directeur Aurore Sirjacq van basisschool Kameleon. Hoe doet een school dat in het hart van Anderlecht, met meer dan 30 nationaliteiten, op een boogscheut van het Klein Kasteeltje in een veel te oud en klein gebouw?
 
Van ongeveer de helft van de kinderen weet Aurore zeker dat ze in armoede leven. Maar nog veel meer kinderen leven in een gezin met een groot armoederisico. “Mensen schamen zich vaak om erover te vertellen. Of ze zijn te fier”, zegt Aurore. “Maar je merkt het aan de kinderen. Vaak aan de kledij: te groot, te klein. Of als kinderen er niet zijn en je achteraf hoort: ‘Ik heb mijn kinderen thuis gehouden omdat ik ze geen boterham kon meegeven.’”

“Kinderen moeten zich hier eerst en vooral veilig en gelukkig voelen. Hier moeten ze even hun problemen en zorgen van thuis kunnen vergeten en zijn wie ze zijn, ondanks hun vuile of kapotte kleren. Pas als kinderen zich goed voelen, tonen ze hun talenten en kan de school een springplank worden.” Hoe doe je dat dan?
 

Onthaal in de klas

“Kinderen voelen zich goed op school als ook ouders zich goed voelen. ‘s Ochtends heeft niemand toezicht op de speelplaats. Kinderen gaan onmiddellijk naar hun klas waar de leraren hun leerlingen en ouders opwachten. Als er boodschappen zijn voor ouders, kunnen die dan gebeuren. Wij communiceren trouwens via pictogrammen. Elke ouder heeft bij het begin van het schooljaar een pictogrammenwoordenboekje gekregen. Mijn deur staat altijd open. En ook belangrijk: spelen op de speelplaats mag in de eigen taal.”

portret leraar Wendy

Aurore – Directeur basisschool Kameleon: “Als de meeste van je leerlingen in armoede leven, dan is zorgen voor een goed gevoel op school prioritair.”

Creatief met leren en realistisch huiswerk

“Ouders in armoede zijn vaak met andere zaken bezig dan met de school. Eigenlijk verwachten we niet veel ondersteuning. Enkel dat er thuis een rustig plekje is voor de kinderen. Maar sommige gezinnen leven met 4 à 5 in één kamer. Daarom krijgen kinderen hier geen gewoon huiswerk. Ze krijgen wel een takenbundel. Dat kan voor elk kind op maat anders zijn. Kinderen krijgen 3 weken om eraan te werken. Dat kan thuis, maar ook in de klas.”

“Tot vorig jaar werkte onze school voor opvoedingsondersteuning van de ouders samen met Brusseleer, maar dat is tijdelijk stopgezet en we missen dat wel. Ik vind het goed oriënteren op het einde van het zesde leerjaar ook erg belangrijk. Die oudercontacten doe ik samen met de leraar.”
 

Elk kind doet met alles mee, ook al kunnen zijn ouders niet betalen

“Een gezin betaalt hier maximaal 20 à 25 euro per schooljaar voor zijn kind. Dat is beduidend minder dan de maximumfactuur van 85 euro voor een lagereschoolkind en 45 euro voor een kleuter.”

“Dat kan omdat ik extra schoolsubsidies aanvraag bij de Vlaamse Gemeenschapscommissie en we krijgen ook van de gemeente Anderlecht 25 euro per kind per jaar voor extra’s. Ik haal ook wat winst uit het schoolfeest en de verkoop van foto’s, maar meestal is het een gegoochel om met de schoolfinanciën rond te komen. Voor onze school is dit principe heilig: elk kind doet met alles mee, ook al kunnen zijn ouders dat niet betalen.”
 

Schoolfactuur is geen publiek moment

“Betalingen gebeuren maandelijks, in kleine bedragen (2, 3, 5 euro). Kinderen moeten nooit geld meebrengen naar school en hoeven zich dus ook niet te schamen als ze hun centje niet bij hebben. De leraren delen de facturen in de klas uit. Zij hoeven zich geen zorgen te maken over de betaling. Moeilijke gesprekken daarover zijn voor mij. Ik scherm zo de ouders en kinderen die het echt moeilijk hebben af van de leraren. Ik weet niet of dat goed is, het is wel zo gegroeid.”
 

Een brede school en dus een rijke leeromgeving

“Door een brede school te zijn, kunnen kinderen na schooltijd op dinsdag en vrijdag voor heel weinig geld sporten: muurklimmen, schaatsen, skaten … De kinderen worden door de moni’s op school afgehaald en de ouders kunnen ze ter plekke gaan oppikken. Door de brede school kunnen we een veel rijkere leeromgeving aanbieden.”
 

Ook de schoolinfrastructuur speelt mee

“Ik droom ervan om in onze school meer ruimte te hebben, zodat elk kind op zijn manier even tot rust kan komen. Helaas zitten wij met oude vervallen schoolgebouwen. De ramen in de klassen zijn zo hoog dat de kinderen zelfs niet eens eventjes door het raam kunnen kijken. Onze school is klein en dan delen we die nog eens met het Franstalig onderwijs. Daarom spelen de kinderen, als het weer het toelaat, in het stadsparkje een straat verder. Bij regenweer is hun klaslokaal soms hun speelplaats. En dan wordt het snel een lange dag voor zowel de kinderen als de leraren. Volgend schooljaar kunnen we gelukkig in een groter gebouw.”