Gepubliceerd op
Zo doen zij het

Leerwandeling: stap voor stap elkaars lessen beter maken

In een veilig klimaat en op korte tijd leren van elkaar? In basisschool Omnimundo in Antwerpen doen ze dat via leerwandelingen. Een groepje leraren loopt langs bij collega’s in de klas. Met een scherpe focus. En zonder oordeel.
 

Leerwandeling

directeur Sven: “Via leerwandelingen volg ik ook makkelijk onze pedagogische teamafspraken op”

Finne, zorgcoördinator: “We ontdekten het principe van de leerwandeling tijdens een zomerschool. Het is onder meer gebaseerd op het Canadese schoolwalkthrough-principe. Het maakt deel uit van ruimer pedagogisch onderzoek naar hoe je je als leraar zelf meer verantwoordelijk kan voelen om je werkvormen te verbeteren. Want wat je zelf in handen neemt, ligt je aan het hart en daar ga je er extra hard voor. Onder begeleiding van Stedelijk Onderwijs Antwerpen gingen we als pilootschool aan de slag met het project.”
 

Verbeteren wat al goed loopt

Finne: “Tijdens een leerwandeling gaat een groepje leraren telkens 10 minuten observeren wat collega’s in de klas doen. Meteen daarna doen ze buiten een korte nabespreking en trekken dan naar de volgende klas. Zo gaat het een uur door. De klassen van de wandelende leraren worden terwijl overgenomen door collega’s.”

“Belangrijk is dat je een focus kiest. Bij ons is dat het leesbevorderingsproject Kwartiermakers – elke dag doet elke klas een kwartier lang iets rond boeken: voorlezen, boekpromotie, zelf lezen, iets beluisteren … We kozen de eerste keer bewust die focus, omdat dat al goed loopt op school. Zo voelt iedereen zich veilig om daarover geobserveerd te worden.”

“De observators hebben een formulier waarop ze hun bevindingen aanduiden. Daardoor hoeven ze niets op te schrijven, want dat kan beoordelend overkomen. Dat is niet de bedoeling, het is geen evaluatie. Het formulier volgt de TIDE-structuur: de ‘T’ is van ‘Betekenisvolle taken’ of wat zijn de leerlingen aan het leren; de ‘I’ staat voor instructies of hoe zijn de leerlingen aan het leren?; de ‘D’ verwijst naar ‘design’. Hoe ziet de boekenhoek er bijvoorbeeld uit? De ‘E’ staat voor ‘Eye of the learner’ of hoe ziet het leren eruit voor de leerling?”

 

Leraar leest voor in boekenhoek

De leerwandeling is een laagdrempelige manier om samen te werken, inspiratie op te doen en de sfeer in een andere klas op te snuiven.

Iedereen kwetsbaar

Finne: “De wandeling vindt plaats op een vast moment en is altijd aangekondigd. Dat stelt gerust. En wie weet dat hij bezoek gaat krijgen, doet een extra inspanning om zijn leesmoment zo sterk mogelijk te maken. Daar heeft iedereen baat bij, toch? Leerlingen reageren divers: sommigen worden wat onzeker omdat de les anders is dan anders, anderen zwaaien uitnodigend.”

Tina, leraar vierde leerjaar: “Ik ben pas gestart, dus voor mij was het extra spannend. Toch voelde het niet stresserend, omdat ik me goed voel in het team. Wat ook helpt, is dat het voor iedereen hetzelfde is: of je nu net begonnen bent of al jarenlang ervaring hebt, iedereen wordt geobserveerd. Maar je krijgt vooral veel positieve feedback, dat geeft energie.”

Sven Hapers, directeur: “We zijn een school met een ‘opendeurpolitiek’ en er heerst een sfeer van vertrouwen in het team, waardoor leraren zich makkelijker kwetsbaar durven opstellen. Toch reageerden collega’s in eerste instantie wat onwennig, maar nadat we een training kregen, was die argwaan weg. Zo’n training duurt 2 uur, heel haalbaar. Mede daarom was ik voorstander van dit project.”

“Leerwandelingen zijn voor mij als directeur ook een eenvoudige manier om op te volgen hoe het loopt met de pedagogische afspraken die we binnen het schoolteam maken, in eerste instantie bij ons rond het leesbeleid. Hoe hard leven die afspraken in de klas, wat is makkelijk om op te volgen, wat moeilijker?”

 

Informeel maar niet vrijblijvend

Bieke, leraar derde leerjaar: “Toen het project van de leerwandeling de eerste keer ter sprake kwam, zag ik er niet meteen de meerwaarde van in. Ik loop sowieso geregeld binnen bij collega’s om bijvoorbeeld een geodriehoek te halen. Ik dacht dat ik op die manier ook wel kon zien hoe het er in de klas van een collega aan toegaat. Maar intussen ondervond ik dat observeren met een specifiek doel veel meer effect heeft. En het is gewoon ook heel leuk.”

Finne: “Simpelweg in de lerarenkamer ideeën uitwisselen over het leeskwartiertje? Zou ook kunnen, maar wij houden het liever ontspannen daar, en bovendien zijn we er nooit allemaal samen. In dat opzicht is een leerwandeling een betere plek om elkaar te inspireren, want het heeft diezelfde informele vibe.”

“Maar vrijblijvend is het daarom zeker niet: op de dag zelf is er al een nabespreking met de leraren van de bezochte klassen. Zo kort op de bal spelen maakt het minder spannend, want het is niet leuk om lang te moeten wachten op feedback. Vooral de sterke punten, maar ook de werkpunten op de personeelsvergadering besproken. Acties uitwerken gebeurt in de werkgroep ‘lezen’. Zo verbeteren we via samenwerken het leesonderwijs voor onze leerlingen.”
 

Leerwandeling: bevindingen aanduiden op het TIDE-formulier

zorgcoördinator Finne: “Op een formulier duiden we onze bevindingen aan, maar het is geen evaluatie.”

Indrukken en inspiratie

Bieke: “De leerwandeling is een laagdrempelige manier om samen te werken, bij elkaar inspiratie op te doen en de sfeer in een andere klas op te snuiven. Met een groepje collega’s deed ik een rondje langs de eerste kleuterklas en het vierde, vijfde en zesde leerjaar. In het vijfde leerjaar was ik verrast over de manier waarop de collega ICT inzet via een digitaal uitleensysteem. Maar het leukste was merken hoe de zesdejaars die ooit bij mij in de klas zaten evolueerden. In het derde leerjaar moet je hun keuzes nog richten; ik was onder de indruk van de boeken die ze nu zelf kozen.”

“Er vallen je sowieso ook andere dingen op die niet meteen met het leesonderwijs zelf te maken hebben. In de kleuterklas bijvoorbeeld: hoe rustig de kinderen zijn en hoe tof de routines zijn die de juf inbouwt.”

Finne: “We merkten fijne dingen op over ons leesbeleid, zoals verzorgde boekenhoeken en een grote betrokkenheid van zowel leraren als leerlingen. Een werkpunt is: meer technologische ondersteuning gebruiken, zoals luisterverhalen of een fluistertelefoon waarmee kinderen ‘fluisterend hardop’ kunnen lezen zodat ze de stille lezers niet storen.”

“Door deze eerste wandelervaring vonden we meteen ook een invalshoek voor een volgende leerwandeling: die zal rond het opfrissen van de afspraken over woordenschat gaan. En zo verbeteren we stap voor stap samen onze hele klaspraktijk.”

 


Meer weten? Bij Stedelijk Onderwijs Antwerpen leidt Annemie Lybaert het project: annemie.lybaert@so.antwerpen.be

logo Veranderwijs.nu
Dit artikel kwam tot stand in een samenwerking tussen Veranderwijs en Klasse.
Veranderwijs wil innovatieve onderwijspioniers samenbrengen en inspireren. Kriebelt het bij jou ook om iets nieuws uit te proberen? Op www.veranderwijs.nu kan je ideeën vinden en uitwisselen.

Waar is mijn
Lerarenkaart?