Vlaanderen
Klasse.be

Zo doen zij het

Hoe draait de cirkel van handelingsplanning?

  • 23 februari 2021
  • 10 minuten lezen

De cirkel van handelingsplanning staat centraal in de werking van scholen buitengewoon onderwijs. En toch loopt dat niet overal vlot. Enkele jaren geleden zocht MPI Het Vindingrijk nog naar grip op handelingsplanning. Vandaag draait de cirkel. Het team vertelt wat blijft werken en wat ze onderweg bijleerden. 

Sylvie Vanden Abeele, handelingsplancoach en Hilde Vervaele, directeur
Sylvie Vanden Abeele, handelingsplancoach en Hilde Vervaele, directeur

Hilde Vervaele, directeur: “De cirkel van handelingsplanning is het fundament van buitengewoon onderwijs. Een decretale verplichting om voor elk kind, volgens een vast stramien, een aanpak op maat uit te werken. Maar vaak stelt de onderwijsinspectie vast dat net die cirkel vierkant draait. Ook onze school kon geen vlekkeloos rapport voorleggen.” 

“Na een intensief traject van 5 jaar kunnen we zeggen dat de cirkel van handelingsplanning draait. Dat merk je al bij de start van een nieuwe leerling. Dankzij duidelijke fiches kent elk teamlid de verwachtingen: de betrokken leraren lezen de achtergrondinfo door, de therapeuten nemen gerichte testen af en we analyseren en verwerken de resultaten. Op de beginklassenraad zit dus een professioneel team samen met een duidelijk doel.”  

Sylvie Vanden Abeele, handelingsplancoach: “Ook de oriëntatie van onze schoolverlaters is een duidelijk voorbeeld van die samenwerking: samen met het kind, de ouders, de school en het CLB leggen we een uitgebreid traject af. Een goede doorstroom naar het secundair onderwijs: daar zien we vaak het resultaat van onze investeringen in handelingsplanning.” 
 
“Handelingsplanning staat voor een logische aanpak, die we in ons dagelijks leven voortdurend toepassen. Voor je aan iets begint, bekijk je de situatie. Dan bedenk je wat je wil bereiken en hoe je dat aanpakt. En eens het achter de rug is, vraag je je af of je doel bereikt is en wat eventueel anders moet.” 

Fasen van handelingsplanning 

Hilde: “Bij handelingsplanning vertalen we dat naar 5 fasen: eerst vorm je je een beeld van een leerling. Op basis daarvan breng je de noden en behoeften van het kind in kaart, zodat je doelen kan selecteren. In een derde fase bereid je acties voor, dan voer je ze uit, en tot slot evalueer je. Het beeld van de leerling verandert, nieuwe noden duiken op en je draait een nieuwe cirkel, met dezelfde stappen. In de realiteit lopen die fases vaak door elkaar, kijk je geregeld om en sleutel je aan fasen die op papier achter je liggen.”

Schema handelingsplanmatig werken

Sylvie: “In het gewoon onderwijs doe je net hetzelfde. Wanneer de ontwikkeling van een kind ergens spaak loopt, wordt handelingsplanning ook voor gewoon onderwijs een waardevolle houvast. De meeste kinderen leren prima lezen met een klassieke leesmethode omdat ze verschillende letters in hun werkgeheugen kunnen opslaan. Maar wat als een kind daarop blokkeert en maar 2 letters kan combineren?”

Hilde: “Op zulke momenten botst onderwijs op zijn grenzen omdat je een stap overslaat. Omdat je meteen tot de actie overgaat en leert lezen, veronderstelt dat alle voorwaarden om te leren lezen en schrijven vervuld zijn. Terwijl de eerste vraag is: ‘Wat heeft dit kind nodig om tot leren te komen?’” 

Sylvie: “Natuurlijk kan een leraar dat niet in zijn eentje. Net daarom hebben we in het buitengewoon onderwijs verschillende expertises. Want samen met de logopedist breng je die ene leerling wél tot lezen, en de ergotherapeut weet welke tussenstappen je moet zetten om te leren schrijven. Omdat je vooraf bekijkt waar die leerling staat, zodat je haalbare doelen kiest en geen stappen in de ontwikkeling overslaat.” 

Hilde: “Eerst kijken, dan denken, dan doen. Maar die focus op de lange termijn is een enorme uitdaging voor leraren in het buitengewoon onderwijs. Ze stoppen veel energie in lessen en klasmanagement. Spelen in op de noden van elk kind, differentiëren voortdurend, buigen wat fout loopt om tot een leermoment.”

Hilde Vervaele, directeur
Hilde Vervaele: “Eerst kijken, dan denken, dan doen: die focus op de lange termijn is een enorme uitdaging in het buitengewoon onderwijs.”

Samenhang 

Sylvie: “Dus is het cruciaal dat leraren kunnen terugvallen op duidelijke afspraken en helder beleid. Op mensen die erover waken dat de cirkel van handelingsplanning blijft draaien. Elke stap hangt af van de vorige. Zonder duidelijke beeldvorming kies je geen haalbare doelen. Zonder duidelijke doelen weet je niet wat je moet evalueren. En als je niet kan evalueren, heb je geen correct beeld en geen nieuw vertrekpunt.”

Hilde: Dat proces bewaak ik als directeur niet in mijn eentje. Als handelingsplancoach volgt Sylvie van dichtbij op.  Enkele schooljaren geleden verankerden we handelingsplanning opnieuw stevig in onze werking. Met het hele team doorliepen we elke fase, van september tot juni. En als ijkpunten de 3 klassenraden: in september, in januari en in juni.” 

Sylvie: “We kozen er bewust voor om elke fase op een bepaald moment in het schooljaar samen onder de loep te nemen. Al is het niet zo dat je die cirkel 1 keer doorloopt, met beeldvorming in september en evaluatie in juni. In feite draait die cirkel constant. Maar je moet je team de kans geven om dat proces van handelingsplanning in de vingers te krijgen, en dus kreeg elke fase op een bepaald punt in het schooljaar extra aandacht.”

Hilde: “Zo stond de beginklassenraad in september in het teken van die beeldvorming. Op dat moment brengen we alle expertise rond de tafel. De klasleraar, de vakleraren, het paramedisch team, en heel belangrijk: de ouders. Tijdens dat interdisciplinaire overleg leggen we de puzzelstukken samen om ons een juist beeld te vormen van elk kind.” 

Sylvie: “Hoe je een IAC-verslag interpreteert, een duidelijke zorgvraag formuleert of je weg vindt in het digitale leerlingvolgsysteem: iedereen de tijd geven om de juiste skills te ontwikkelen, kost tijd. In het begin deden we dat bijna wekelijks, met het hele team. Maar ook vandaag blijven we tijd maken. Zo zit ik met elke starter een uur per week samen. Zodat iedereen mee is. Want je team is altijd maar zo sterk als de zwakste schakel.” 

Administratie

Sylvie: “Samen met onze hernieuwde aandacht voor de cirkel van handelingsplanning kozen we er enkele jaren geleden ook voor om zoveel mogelijk te digitaliseren. Dat bespaart ons veel werk. Alles hangt immers samen: op basis van de beeldvorming op de klassenraad selecteer je per kind doelen. Die koppel je aan je lesvoorbereiding, en nadien vink je ze af in je evaluatiesysteem. Wat je weer in staat stelt om de beeldvorming bij te stellen en nieuwe doelen te selecteren.” 

Hilde: “Ook voor iets eenvoudigs zoals je klasagenda. In het buitengewoon onderwijs betekent elke activiteit een eigen lesplan voor elk kind. Een uitgewerkte lesvoorbereiding en doelen op maat. Als de leerlijn voor een leerdomein digitaal beschikbaar is, koppel je met een paar klikken de geschikte doelen en oefeningen voor elke leerling aan je agenda. Maar als je die in aparte documenten blijft overtikken terwijl de dossiers van je leerlingen online staan, zadel je jezelf constant met dubbel werk op.” 

Het is niet zo dat je die cirkel 1 keer doorloopt, met beeldvorming in september en evaluatie in juni. In feite draait die cirkel constant

Sylvie Vanden Abeele
handelingsplancoach

“Nu vind je alles online. De klasleraar leest hoe de individuele therapie van zijn leerlingen vlot. De therapeuten weten waarover de klasleraar het tijdens de les wereldoriëntatie heeft en kunnen hun therapie daarop afstemmen. Collega’s zien van elkaar welke lesthema’s ze behandelen en bij wie ze kunnen aankloppen om materiaal te delen.” 

“We botsten ook al op de nadelen van digitalisering. Leraren willen hun job zo goed doen dat ze soms ellenlange epistels tikken. Therapeuten rapporteren zeer gedetailleerd en gebruiken vakjargon dat collega’s niet altijd begrijpen. Een goedbedoelde inspanning die helaas ten koste gaat van de communicatie binnen het team rond het kind. Waak er dus over dat je duidelijke afspraken maakt. Spreek af wat je verwacht, en net zo belangrijk: wat je niet verwacht.” 
 
“Wie AI inschakelt omdat die het moeilijk vindt om observaties en gedachten uit te tikken, levert op het eerste gezicht degelijk werk af. Maar in werkelijkheid zit je met een karrenvracht aan holle woorden waar je collega’s weinig aan hebben. AI kan een hulpmiddel zijn. Maar het vervangt nooit je eigen werk.” 

Interdisciplinair overleg 

Sylvie: “De klassenraadperiode legt druk op je werking. Met de voorbereiding ben je na schooltijd uren zoet. En dan moet je nog tijd vrijmaken voor de klassenraden zelf. De kindvrije uren van de klasleraar schieten erbij in. Na dat intensieve overleg staat die meteen weer voor de klas. Ook de therapieën vallen weg. Belastend voor het team, jammer voor de kinderen, maar de inbreng van de therapeuten tijdens de klassenraden is echt een meerwaarde.” 
 
“Omdat onze buitengewone leerlingen veel zorg vragen, is de verleiding groter om constant in crisismodus te vervallen en op korte termijn te denken. Het is net die interdisciplinaire bril die maakt dat we met een scherpe blik naar elke leerling kijken en elk kind een aanbod op maat kunnen bieden. Met ook impact op de langere termijn.” 

Sylvie: “We spelen kort op de bal, sturen voortdurend bij. Kunnen we met deze leerling een stap verder, of zetten we er net eentje terug? Daarom beleggen we ook vaak tussentijdse klassenraden met een kleinere kern: enkel wie op dat moment voor die leerling en dat aspect ertoe doet.” 
 
“Onze klassenraden zitten in een strak format. Samen bewaken we dat we efficiënt nadenken over de vraag: ‘Hoe kunnen we dit kind helpen?’ Als je aan tafel zit met collega’s, bestaat de kans dat je afdwaalt. Eens over koetjes en kalfjes praten, of ventileren over wat in je klas gebeurt? Ook nodig, maar de klassenraad is daarvoor niet de juiste plek.” 

Hilde: “Natuurlijk vegen we zelfzorg niet onder de mat. Mijn deur staat open. We maken op andere momenten tijd om te luisteren naar collega’s die worstelen. En klasleraren rooster ik samen vrij. Zo kunnen ze samen thema’s uitwerken, maar net zo goed hun hart luchten.” 

Sylvie Vanden Abeele, handelingsplancoach
Sylvie Vanden Abeele: “Leraren tikken met de beste bedoelingen lange verslagen. Spreek af wat je verwacht, en net zo belangrijk: wat je niet verwacht.”

Lange termijn 

Sylvie: “Het onderwijs blijft veranderen. Maar als je weet waar je staat en waar je met elk kind naartoe wil, hoef je niet bang te zijn voor wat nieuw is. Dankzij die basis zijn we klaar voor wat komt.” 

Hilde: “We werken in de eerste plaats met mensen, met kinderen. Dan krijg je soms het gevoel dat je voor een dilemma staat. Wat geef ik nu voorrang, wat pakken we eerst aan? Voor elk kind leggen we eigen accenten.”
“Als ik door de school wandel, bestaat altijd de kans dat ik even de zorg moet opnemen voor een kind dat de klas uitstapt en 1 op 1 aandacht nodig heeft. Natuurlijk heb ik eerst oog voor dat kind. Maar met duidelijke afspraken en doorgedreven digitalisering lukt het me ook om efficiënt te registreren wat de leerling nodig heeft.”  

Sylvie: “Op sommige dagen hebben leraren hun handen al vol om onvoorziene problemen op te lossen. Maar ook dan moet je met je team vooruit blijven kijken. Ontdekken waar de knoop ligt, zodat je er niet in verstrikt raakt. Dat lukt enkel als iemand de ruimte heeft om ervoor te zorgen dat de cirkel blijft draaien. Met heldere afspraken, strakke looplijnen en een interdisciplinaire samenwerking. Want daar ligt de kracht van handelingsplanning.” 

4 x sterker in handelingsplanning  

Focus op wat telt 

Sylvie: “Een rapport opfleuren, een uitgebreid verslag van elk incident, het zoveelste stappenplan plastificeren: het geeft voldoening, maar kost ook veel tijd en energie. Wij stellen ons daarom vaak 2 vragen: is dit nodig? En helpt dit mijn leerlingen? Alleen als het antwoord 2 maal ‘ja’ is, maken we er tijd voor.”

Noteer efficiënt 

Sylvie: “De voorbereiding en het verslag van je klassenraad, je leerlingvolgsysteem, het rapport: die info hoort niet op 3 plekken te staan. Maak duidelijke keuzes over wat waar thuishoort en zorg ervoor dat die informatie vlot doorstroomt van fase naar fase. Zo vinden de beslissingen van de klassenraad zonder omwegen hun weg naar het leerlingvolgsysteem.”

Maak tijd voor overleg 

Sylvie: “De therapeut die aan leesproblemen werkt, weet welke tekst de klasleraar op dat moment gebruikt. De klasleraar is op de hoogte van de invulling van de therapie die kinderen krijgen. Rapporteren en overleggen kost tijd, maar die vlotte uitwisseling tussen alle betrokkenen rond het kind is cruciaal.” 

Kijk vooruit 

Sylvie: “In het buitengewoon onderwijs kan je jezelf gauw verliezen in brandjes blussen. Daarom is het de rol van de directeur en andere beleidsmensen om de blik van het team telkens weer naar de langere termijn te richten. Handelingsplanning voelt niet als een prioriteit als je leerlingen het lastig hebben. Maar net jouw blik op de langere termijn helpt hen vooruit.”

Seppe Goossens

Voeg dit artikel toe aan je bewaarde artikels

Log in om te bewaren


Laat een reactie achter