Van nieuwe minimumdoelen tot artificiële intelligentie. Hoe pak je onderwijsinnovatie op een duurzame manier aan? 6 verrassende adviezen van experten Geert Kelchtermans en Annemie Lybaert.
1. Trek aan een sliert spaghetti
Onderwijsinnovatie lijkt in je hoofd vaak een onoverkomelijke berg. Vergelijk je school dan gewoon met een bord spaghetti, dat maakt het weer behapbaar. Trek aan een sliert. Dan komen de andere slierten en uiteindelijk het hele bord spaghetti in beweging. Maar met welke sliert start je het best?
Professor Geert Kelchtermans, hoofd Centrum voor Onderwijsvernieuwing en de Ontwikkeling van Leraar en School, KU Leuven: “Dat is soms minder belangrijk dan de boel in beweging brengen. Start alvast met 1 interventie – klein of groot, het liefst urgent. Want je kan toch niet alles tegelijk aanpakken.”
Zo’n bord spaghetti oogt een beetje chaotisch. Maar een innovatieproces verloopt dan ook niet lineair. Je weet waar je start, maar niet waar je eindigt en wat de kortste weg naar de finish is. Annemie Lybaert, manager onderwijsinnovatie bij Stedelijk Onderwijs Antwerpen: “Een innovatieproces verschilt in die zin van een project met een duidelijk begin, mijlpalen en resultaat. Gaandeweg ontdek je samen welke kennis, vaardigheden en ondersteuning er nodig zijn.”
Geert Kelchtermans: “De dingen verlopen dus niet altijd volgens het plan dat je op zak hebt. Maar dat wil niet zeggen dat het plan niet goed is. Er gebeurt altijd minder en meer dan bedoeld. Hou ook de onbedoelde neveneffecten, negatief of positief, in het oog.”
Annemie Lybaert: “Fouten maken hoort bij experimenteren en wetenschappelijke kennis voor de eerste keer toepassen in jouw klas, team en school. Leer vooral uit die fouten en de zoektocht van je voorgangers. En kan je als team openlijk praten over wat fout liep? Geef trekkers of teacher leaders ruimte om voorwaarts te falen en heb vertrouwen in het zoekproces van wat er werkt voor wie en in welke context.”
Krijgen die teacher leaders een officiële opdracht en mandaat binnen hun takenpakket om aan de kar te trekken? Kunnen ze zich bijscholen om als expert collega’s te ondersteunen? Krijgen ze ondersteuning van een stuurgroep?
Maar je doet uiteraard niet zomaar wat. Bij innoveren gooi je de basisregels van goed projectmanagement en evidence informed werken niet overboord. Je meet bij de start, onderweg en op het einde of je het beoogde resultaat bereikt. Want zonder data vaar je blind.
2. Kies en verlies niet
Nieuwe minimumdoelen, digitalisering, een nieuw taal- of huiswerkbeleid. De ene vernieuwing na de andere … vermoeiend! Geert Kelchtermans: “Dan heeft een team simpelweg geen ruimte meer voor verandering. Voor verandering heb je ook stabiliteit nodig.”
Prioriteer daarom innovaties en acties. Beter 1 groot thema per schooljaar en niemand onderweg verliezen, dan 10 kleine initiatieven die verwateren en verzanden.
Geert Kelchtermans: “Wees je bewust waarop je je baseert om dingen in vraag te stellen. Op buikgevoel of data? Of omdat we het beu zijn en zin hebben in iets nieuws? Misschien zeggen we tegen elkaar dat we goed bezig zijn, maar hoe weten we dat we resultaten boeken? We moeten die keuzecriteria buiten onszelf leggen.”
Prioriteiten stellen en energie doseren zijn niet enkel de taak van de directeur. Hoewel de directeur als formeel leider het innovatieproces ondersteunt, maak je met gedeeld leiderschap samen school en neemt iedereen eigenaarschap. Is het in jouw school duidelijk wie welke rol opneemt? Wanneer mag je naar de directeur, beleidsondersteuner, leergemeenschap of elkaar kijken? Met duidelijke rollen kan elke leraar zijn verantwoordelijkheid nemen en respect krijgen voor zijn werk.
3. Weerstand is wenselijk
Geert Kelchtermans: “Het doel van duurzame onderwijsinnovatie is niet verandering, maar verbetering. Als je met interne kwaliteitszorg bezig bent en je onderwijspraktijken voortdurend wil verbeteren, innoveer je dus automatisch ook. Als je iets wil vernieuwen in je school, zeg je onvermijdelijk tegen jezelf en collega’s: ‘Wat en hoe we het nu doen, is (nog) niet goed (genoeg).’”
Anders en beter? Natuurlijk is de kans op weerstand groot. Maar onthoud: weerstand is wenselijk. Want daaronder zitten waardevolle argumenten verborgen. “Je hebt als leraar goede redenen om les te geven zoals je het nu doet. Logisch toch dat je een oproep tot verandering niet zomaar accepteert? Of misschien verzet je je zelfs actief omdat je het niet eens bent met de onderhuidse boodschap dat het niet goed is”, verklaart Geert Kelchtermans. Geef weerstand dus ruimte, luister naar de tegenstem en weef die feedback in je proces.
4. Context is alles
Annemie Lybaert: “Heel wat innovatieve ingrepen blijven dode letter omdat ze de transfer van theoretisch model, beleidsplan of andere school naar de klaspraktijk te weinig maken. Inderdaad, de moeilijkste stap: nieuwe kennis, vaardigheden en inzichten vertalen naar jóuw klas. Want wat werkt, werkt niet altijd, en niet overal.”
“Het vertrekpunt van die vertaalslag? Weten wat werkt in jouw school of in jouw klas op basis van wat je team, leerlingen, maar ook je data je vertellen. Als je je bewust bent van wat er al goed gaat, kan je daarop verder bouwen voor wat beter kan. Dat werkt motiverender.”
Eens je in kaart hebt waar je team al staat, vraag je je telkens af wat een volgende kleine onderbouwde stap is. Zo kan je gestructureerd te werk gaan en monitoren of een vernieuwing werkt in jouw context.
5. Leer samen en van elkaar
Enthousiast na een vorming? Ongetwijfeld een verrijking voor jou, maar dat verandert niet per se iets in het team. Schuif dus samen aan tafel om kennis te delen. Collega’s die van elkaar leren, veranderen het onderwijs.
Enkele leervragen ter inspiratie voor je team: ‘Welke dingen zouden we graag verbeteren? Welke mogelijkheden zien we om dat te doen?’ Ga in gesprek met elkaar over hoe dat kan lukken.
Leergemeenschappen, collegiale visitaties, praktijkgericht onderzoek of leerwandelingen zijn daar wetenschappelijk onderbouwde methodieken voor. Die versterken je onderwijs en verhogen het draagvlak voor je innovatie. Collective teacher efficacy heet dat: leraren die geloven dat ze samen invloed kunnen uitoefenen op het leren van hun leerlingen, halen met hen ook betere resultaten.
Geert Kelchtermans: “Innovatie is een wisselspel tussen lerende leraren en de school. Leraren moeten de kans krijgen zich te blijven professionaliseren en expertise te ontwikkelen. Maar de school moet ook de juiste context creëren. Als formeel leider is het de taak van de directeur om genoeg tijd en ruimte te voorzien.”
6. Veranderen is een marathon
Annemie Lybaert: “Waar je uitkomt, weet je niet altijd precies, maar 1 ding staat vast: duurzaam vernieuwen duurt jaren. Anders denken en doen vraagt tijd, met vallen en opstaan. Innoveren is een aaneenschakeling van verschillende doorbraakmomenten. ”Trek geen snel sprintje, maar bereid je voor op een marathon.
Een lang proces vraagt opvolging, ondersteuning en monitoring van data. Volg die doorbraakmomenten goed op en laat vernieuwingen onderweg niet stilvallen.
Geert Kelchtermans: “Data-informed werken is niet eenvoudig. Zo moet je goed nadenken welke verschillende bronnen complementair en nuttig zijn. Wanneer gebruik je bijvoorbeeld het beste vragenlijsten, observatie of interviews? Met bestaande data uit je leerlingvolgsysteem, Dataloep, DataWijzers … kom je al ver. Het is een must dat iemand in je team daarover kennis opbouwt. Maar aarzel niet om hulplijnen bij de pedagogische begeleidingsdienst of het CLB in te schakelen.”
Laat elkaar niet te snel los. Want de ene collega is sneller weg met de nieuwe aanpak dan de andere. Hoe kom je als team afspraken na en hoe help je elkaar daarin? Welke ondersteuning heb je als leraar nodig en is die gemakkelijk bereikbaar?
Maak de beoogde praktijk concreet en zichtbaar. Geen mooie intenties op papier of in een computermapje, maar een aanpak die effectief gebruikt wordt in de klas. Vanaf dat je anders doet, denkt en praat, is de verandering echt duurzaam.
E-book ‘Onderwijsinnovatie’
Je school is een bord spaghetti. Trek aan 1 sliert en alles komt in beweging. Lees eerlijke verhalen van schoolteams over de ups-and-downs van hun traject. En pluk 6 adviezen die jouw verandering vorm geven.
Laat een reactie achter